Lees verder
Rijden we in Nederland binnenkort op wegen van hout? Niet helemaal, maar plantaardige grondstoffen zoals lignine gaan wel een groot deel van de fossiele bitumen in asfalt vervangen als het aan het CHAPLIN consortium ligt. Dat gaat binnenkort minimaal 4 nieuwe proefstroken met bio-asfalt aanleggen, verspreid over Nederland.
Pierre Gielen, Redactie

Eenderde van de bomen en planten om ons heen bestaat uit lignine. Het is een van de meest voorkomende grondstoffen in de natuur”, legt programmaleider Joop Groen uit. “Het heeft uitstekende kleef- en beschermende eigenschappen; het houdt de vezels bij elkaar en beschermt de plant tegen invloeden van buiten. Het vervult in de plant precies de rol die we in asfalt van bitumen vragen. En dit is een aardolieproduct dat steeds schaarser wordt. Daarom willen we binnen CHAPLIN een groot deel van die bitumen vervangen door lignine; niet als vulmiddel in de asfaltmix, maar als een functioneel bestanddeel. We verwachten daarmee bio-asfalt met ‘premium’ eigenschappen te kunnen creëren. Denk bijvoorbeeld aan langere levensduur van het wegdek, minder verkeerslawaai en het verlagen van de rolweerstand van voertuigen, waardoor er minder brandstof wordt verbruikt.”

CHAPLIN (voluit Collaboration in aspHalt Applications with LigniN) is een meerjarig ‘flagship’ programma van Circular Biobased Delta, waarbinnen inmiddels twee projecten zijn gestart: CHAPLIN TKI en CHAPLIN XL. Dit laatste project, met een budget van enkele miljoenen en een mooie subsidiebijdrage van RvO, streeft ernaar de innovatie met praktijkonderzoek te versnellen. De eerste proefstrook is al 5 jaar geleden aangelegd met een beperkt aantal partners. Ook is een fietspad met lignine al een tijdje in gebruik, met veelbelovende resultaten. Sinds vorig jaar bestaat echter het CHAPLIN consortium met meer dan 20 partners uit de hele waardeketen om nieuwe resultaten te boeken.

Vraagstukken

“We vervangen fossiel voor biobased”, zegt Groen.“Maar voor we het product echt naar de markt kunnen brengen, zijn nog wel enkele vraagstukken op te lossen. Bijvoorbeeld: welke types lignine zijn het meest geschikt? Daarbij kijken we vooral naar lignines uit Nederlandse bioraffinaderijen, zoals Avantium, Vertoro of Biond Oil. Ook onderzoeken we of ons bio-asfalt geschikt is voor de tussen- en onderlagen van de weg, en niet alleen voor de deklaag. Verder gaan we goed doorwrochte levenscyclus- en techno-economische analyses opzetten. Dat zijn belangrijke stappen in het vergunningentraject en om te bepalen of het commercieel haalbaar is. Dat we partijen aan boord hebben die de uiteindelijke opdrachtgevers zijn, is natuurlijk ook een voordeel.”

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met Circular Biobased Delta.

Beeld bovenaan: Andrew Ostry/Shutterstock