Lees verder
'Het Living Lab Biobased Brazil wil de samenwerking en uitwisseling tussen Nederland en de deelstaat Minas Gerais op het gebied van de bio-economie verstevigen. Dat geldt ook voor het mkb. Via het programma kunnen ze gemakkelijker vaste voet aan de grond krijgen.'
, Lucien Joppen

Erik Lammers, projectleider bij het Centre of Expertise Biobased Economy van Avans/HZ, is de coördinator van het programma met vooralsnog een looptijd van zes jaar (2014-2020).  ‘Living Lab Biobased Brazil (LLBB) is opgezet met het idee dat beide landen/regio’s van elkaars expertise kunnen leren en profiteren. Zo is Brazilië, en dus ook Minas Gerais, verder op gebied van biobrandstoffen en heeft het een enorm volume aan beschikbare biomassa. Het land produceert al decennialang biobrandstoffen op basis van rietsuiker. Nederland is op onderwijsgebied en in de groene chemie/biotechnologie één van de voorlopers. Als je deze competenties met elkaar verbindt, geef je de ontwikkeling van de bio-economie op beide continenten een forse zet in de rug om de ambitie omtrent Parijs overeenkomst te realiseren. Immers, de bio-economie drijft voor een belangrijk deel op human capital. Het zijn de jonge generaties die het uiteindelijk moeten gaan doen.’

Biofuels op basis van vetzuren

Even terugschakelen naar 2014. In dat jaar richtten verschillende publieke en private partners uit Nederland (o.a. het Centre of Expertise Biobased Economy (Avans/HZ) en HAS Hogeschool) en Brazilië het LLBB op. Het onderschrift van het initiatief luidt “education, research, innovation” en geeft de scope aan van LLBB. Naast gezamenlijk biobased onderzoek en onderwijs biedt het Living Lab ook biobased-gerelateerde stage- en afstudeeropdrachten aan in Brazilië en Nederland. Vanaf 2015 vinden regelmatig uitwisselingen plaats, waarbij Braziliaanse studenten in Nederland en Nederlandse studenten in Brazilië onderwijs volgen en/of onderzoek uitvoeren. Tot nu toe zijn ruim 40 studenten voor een half jaar naar Brazilië gegaan en 15 Braziliaanse studenten hebben de omgekeerde weg bewandeld.  ‘Juist in de onderzoekstrajecten zie ik kansen voor mkb-bedrijven om relatief laagdrempelig in te stappen. Momenteel lopen er vijf onderzoekstrajecten (in Brazilië), waaronder een project waarbij bepaalde vetzuren worden omgezet naar biobrandstoffen. Daar is een Nederlands bedrijf bij betrokken. Gezien het prille stadium kan ik over dit project inhoudelijk nog weinig zeggen.’

Powerhouse

Overigens hebben nog maar weinig Nederlandse bedrijven de ‘overstap gewaagd’ via LLBB. Volgens Lammers hebben ondernemingen nogal eens last van koudwatervrees. ‘Het is toch een onbekende markt en dat schrikt bedrijven af. Een ander issue is de scheiding tussen publiek en privaat in Brazilië. In een bio-economie lopen de publieke en private sector vaak hand-in-hand gezien de maatschappelijke en economische implicaties. In Brazilië ligt dit moeilijker waardoor het moeilijker is om complexe problemen op te lossen, al wordt het steeds gemakkelijker.’

Toch biedt het land meer dan voldoende mogelijkheden voor het Nederlandse mkb, aldus Lammers. Brazilië is een powerhouse op het gebied van de verwerking van grote stromen aan biomassa. ‘Denk daarbij niet alleen aan rietsuiker of soja. Wat te denken van gemeentelijk afval dat voornamelijk op de stort terecht komt. Andere opties, zoals energie en/of industriële compostering, komen meer in beeld. Via het LLBB kunnen we deze ontwikkeling via onderwijs en onderzoek agenderen en vervolgens (pilot)projecten opzetten om de brug naar de praktijk te slaan.’

Behalve een (mogelijke) export biedt het LLBB ook een enorme talentenpool (225.000 hbo- en wo-studenten in Minas Gerais en Nederland), waaruit Nederlandse bedrijven kunnen putten. ‘Deze studenten kunnen in relatief korte tijd concrete vragen vanuit het bedrijfsleven beantwoorden en praktijkervaring opdoen . Kortom, een winwinsituatie.’ 

Voor meer informatie, zie de website Biobasedbrazil.org of neem contact op met Erik Lammers.